Nederland heeft een relatief goed uitgebouwd systeem van cultuursubsidies. Maar de meeste informatie is versnipperd over fondspagina's, gemeentelijke regelingen en rijkssubsidies. Dit is een overzicht.
Rijkscultuurfondsen
De zes rijkscultuurfondsen zijn de belangrijkste nationale geldschieters: Fonds Podiumkunsten, Mondriaan Fonds, Stimuleringsfonds Creatieve Industrie, Nederlands Letterenfonds, Filmfonds en Fonds voor Cultuurparticipatie. Ze worden gefinancierd door het Rijk en hebben elk een eigen focus.
Gemeentelijke fondsen
Veel grote en middelgrote gemeenten hebben eigen cultuurfondsen. Het Amsterdams Fonds voor de Kunst is het bekendste, maar ook Rotterdam, Utrecht, Den Haag en andere steden hebben vergelijkbare regelingen. Kijk altijd of je als maker in de gemeente woonachtig of werkzaam moet zijn.
Provinciale fondsen
Provinciaal beleid verschilt sterk. Noord-Brabant heeft Kunstloc Brabant, andere provincies werken via de gemeenten. Check de website van jouw provincie.
Wat je als individuele maker moet weten
De meeste fondsen vereisen een KvK-inschrijving als eenmanszaak of andere rechtsvorm. Zonder KvK is het aantal opties beperkt. Zorg ook dat je een BSN hebt en belasting betaalt als zelfstandige.
CultuurFondsWijzer richt zich primair op de fondsen die individuele makers kunnen aanvragen.